Slavernij in Suriname | Gedwongen werken op plantages

Video7 minGroep 6 t/m 8Gemiddeld

Bron: Schooltv / NTR · Niet-commercieel embed via de officiële speler.

Slavernij in Suriname | Gedwongen werken op plantages, 7 min

Waar gaat dit over?

Video over slavernij in Suriname tijdens de koloniale periode.

Eerst waren het de Engelsen, later de Nederlanders. Zij verjoegen de oorspronkelijke bewoners met geweld en werden hier de baas. Dat heet koloniseren, het veroveren van een ander land. En zo werd Suriname een kolonie van Nederland. Om rijk te worden verbouwden Nederlanders allerlei planten die in Europa niet goed groeiden, zoals koffie, cacao, katoen en suikerriet. Om die planten te verbouwen werden plantages aangelegd. Dat zijn een soort boerderijen. Het woud werd gekapt, er werden sloten opgegraven en sluizen gebouwd om ervoor te zorgen dat de plantages precies genoeg water hadden. Op het hoogtepunt waren er wel 400 plantages in heel Suriname. Allemaal zo langs de rivieren. De meeste plantages, die bestaan inmiddels niet meer. Dat is nu weer regenwoud. Maar als je van boven kijkt, zie je toch nog het rechthoekige patroon van de slootjes en de akkers die daar gelegen hebben. Het bouwen van de plantages en het verbouwen van de planten was heel veel en heel zwaar werk. Wie deed dat eigenlijk? De Europeanen wilden dat zware werk niet zelf doen, dus gingen ze dan Afrikanen halen uit Afrika om hier te werken. Oké, dus de mensen kwamen helemaal vanuit Afrika. West-Afrika. Ja, naar Suriname? Ja. En ze werden daar gehaald, hoe ging dat dan? Ze werden ontvoerd en dan verkocht aan de Europeanen en tegen hun wil gebracht naar Suriname om te werken. Dus gewoon tegen hun zin werden ze helemaal naar de andere kant van de wereld genomen. Ja helemaal. En dan moesten ze daar verplicht werken? Ja. Zonder betaald te worden? Zonder betaling. En dat is slavernij. En de Nederlanders die werden daar superrijk van. Ja, de producten die ze hier verbouwden, dingen zoals koffie, suiker, tabak werden gebracht naar Nederland en daar verkocht. Daar verdienden ze heel veel geld mee en met geld kwamen ze terug naar Afrika om meer Afrikanen te kopen. Om dan weer te brengen naar Suriname. Dus je ziet het is feitelijk een soort driehoek, vandaar de naam driehoekshandel. Dit mooie grote huis dat was voor de plantagehouder en zijn familie. De tot slaaf gemaakte mensen woonden in veel kleinere huizen met veel meer mensen. Hun huizen waren gemaakt van hout, bladeren en een soort klei, dus die zijn al lang vergaan. Het liedje is in het Surinaams of Sranantongo. Die taal ontstond onder de tot slaaf gemaakte mensen. Zij konden elkaar niet verstaan omdat ze uit verschillende delen van West-Afrika kwamen en het Nederlands mochten ze niet spreken. Daarom ontwikkelden zij hun eigen taal, het Surinaams. De meeste Nederlanders konden dat niet verstaan, maar het wordt nu door heel veel Surinamers nog steeds gesproken. Waar gaat het liedje over? Het is een lied dat is ontstaan tijdens de slavernij waarbij ze de kinderen leerden van later ben je slaaf en ga je hard werken en als jouw werk niet naar behoren doet, zal je daar gestraft worden. En zo’n straf was dan: je kreeg dan in je beide handen een hete vuursteen. Dat is dus die eerste zin: Faya Siton. Vuursteen. No bron mi so. Brand me niet zo. Ja inderdaad. En tweede gedeelte: alweer maakt meester Jan, een mensenkind dood. Dat is alweer woorden die slavenkinderen worden vermoord door bepaalde straffen. Wow, Het lied is eigenlijk best wel heftig en het laat echt zien hoe gruwelijk het leven was in de tijd van de slavernij. Klopt ja, maar dat wordt ook nog steeds gezongen. Ik ben er zelf ook mee opgegroeid. Ja klopt helemaal. En de oorsprong ervan is tijdens slavernij en nog steeds zingen wij het. Zing je mee? Er waren ook tot slaaf gemaakte mensen die in opstand kwamen. Sommigen lukte het om hun plantagehouders overmeesteren of om te ontsnappen. Ze vormden dan kleine dorpjes diep in het regenwoud waar ze in vrijheid leefden. En soms kwamen ze dan nog terug naar de plantages om eten of wapens te stelen of om andere mensen te bevrijden. Zij heetten Marrons. En het leuke is, mijn voorouders waren ook Marrons. Mijn ouders zijn zelfs nog in zulke dorpjes geboren.

VakGeschiedenis
OnderwerpGeschiedenis pruiken & revoluties
ProgrammaHet Klokhuis
Leerlijngeschiedenis: koloniale periode
Zoek in ruim 30.000 onderwijsvideo'sOp wat er letterlijk in gezegd wordt, en spring naar dat moment. Gratis, zonder account.

Vergelijkbare video's