EenVandaag in de klas

Bekijken bij Schooltv ↗
Bron: Schooltv / NTR · Niet-commercieel embed via de officiële speler.
Waar gaat dit over?
Video over de rol van oppositiepartijen in de Nederlandse politiek.
Zo machtig is de oppositie. Als een politieke partij niet in de coalitie komt, kan die partij nog steeds invloed uitoefenen in de Tweede Kamer. Dat kan op twee manieren: kritisch en constructief. Kamerleden van de oppositie kunnen kritiek geven op het beleid van het kabinet. Daarnaast kunnen ze de coalitie steunen als ze het eens zijn met beleid of moties indienen en zelf met wetsvoorstellen komen.. Er zijn winnaars... ‘We zijn misschien wel de grootste partij van het land.’ ‘Er staat hier een ontzettend gelukkige lijsttrekker.’ ...en verliezers. Ik ben er niet in geslaagd voldoende mensen te overtuigen. Ik had zelf graag een ander resultaat gezien. Je bent natuurlijk teleurgesteld als je zetels verliest. Heb jij nou op een van die partijen gestemd en denk je: dat was een verloren stem? Nou, dan heb ik nieuws voor je. Als het oppositie zou worden, nou, ik wil niet zeggen geweldig, maar dat kunnen we goed. In deze video: zoveel macht heeft de oppositie. De komende tijd zal de aandacht vooral gaan naar welke partijen gaan regeren. En logisch ook, want die bepalen samen de koers van ons land. Maar ook de oppositie heeft een belangrijke rol in onze democratie. Dat hebben we alleen niet helemaal zelf bedacht. Het idee van coalitie en oppositie komt uit het Britse Lagerhuis. In de achttiende eeuw ontstonden daar twee grote blokken: de conservatieve Tories en de meer liberale Whigs. Andere stromingen waren er eigenlijk niet. Zo was je dus of aan de macht, of juist niet. Die niet-regerende partij kreeg een speciale titel: His majesty's most loyal opposition, oftewel loyaal aan de koning, maar kritisch op de regering. De Britten zagen oppositie niet als iets negatiefs, maar juist als een belangrijk onderdeel van de democratie. In de oppositie was het je taak om het kabinet te controleren en verantwoordelijk te houden. Praktisch hetzelfde systeem zie je bij de Britten nu nog. Waar de partijen wel wat zijn veranderd, want nu staan Labour en de Conservatieve Partij tegenover elkaar. Dan naar Nederland, want hier had hij dat Britse systeem goed bestudeerd. Johan Rudolph Thorbecke, toch een beetje de vader van onze democratie. In 1848 werd onder zijn aanvoering onze nieuwe grondwet ingevoerd, met een systeem dat best lijkt op het Britse. Al hebben wij natuurlijk niet maar twee partijen, maar veel meer, zeker tegenwoordig. Sinds de nieuwe Grondwet leggen ministers geen verantwoording meer af aan de Koning, maar aan de Tweede Kamer. Kritiek van Kamerleden werd daarmee eigenlijk in één klap terecht en zelfs gewenst. Ik hoop dat de VVD zelf ziet hoe ontzettend schadelijk dit is voor het vertrouwen in de politiek. Simpelweg oppositie dus. Maar hoe werkt dat nou in de praktijk? En dat zullen wij dan ook vanuit de oppositie gaan bestrijden. De oppositie, die moet eigenlijk elkaar proberen te versterken. Ja, daar zit je dan met je partij in de oppositie. Tijd om te bedenken welke tactiek je gaat toepassen. En het kan eigenlijk op twee manieren. Te beginnen met kritische oppositie. Gekker moet het niet worden. Wat voor werk ben ik aan het doen, voorzitter? U vraagt erom, dan kunt u het krijgen ook. Ja, je hoorde het net eigenlijk al een beetje. In de oppositie mag je kritisch zijn op de regering en je kunt er dan ook echt met gestrekt been in gaan. Zijn we weer even in Groot-Brittannië. Je krijgt dan een situatie waarbij coalitie en oppositie echt recht tegenover elkaar staan. Daar is dit zo ongeveer het motto van de oppositie. Overal tegenin gaan en niks voorstellen. Dat kan je stemmen opleveren bij de volgende verkiezingen. Maar het kan ook tegen je werken. Je bent zo boos. Je ziet zoveel voorbeelden van waar het mis gaat en er wordt eigenlijk niet naar je geluisterd. Want haha, de meerderheid gaat toch wel akkoord. Want haha, het staat in het coalitieakkoord en argumenten doen er niet meer toe. Iemand die alles weet over oppositie voeren is oud-SP-Kamerlid Renske Leijten, een partij die nog nooit in een kabinet heeft gezeten. Jarenlang streed Leijten vanuit de oppositie om dingen voor elkaar te krijgen, maar ook weer niet ten koste van alles. Ja, dan is de frustratie zo groot dat je ook moet oppassen dat je niet ineffectief wordt door je frustratie. Want ja, dan gaan mensen gewoon zeggen, die Leijten is alleen maar boos. Dan luisteren ze helemaal niet meer naar je argumenten, want dat gebeurt natuurlijk ook. Dus daar moet je wel op blijven letten. Het kan goed zijn om te laten zien dat er met jouw partij zaken te doen valt. En dat is meteen de tweede tactiek. Constructieve oppositie. Dat betekent de coalitie steunen, zodat zij hun plannen kunnen uitvoeren. Als jij het daar natuurlijk mee eens bent. De afgelopen coalitie had dat ook hard nodig. Dit is de huidige zetelverdeling in de Eerste Kamer. Je ziet, de coalitie had daar geen meerderheid. Daarom hadden ze oppositiepartijen nodig om hun wetten erdoorheen te krijgen. Sinds de kabinetten Rutte zie je dat coalities wel vaker geen meerderheid in die Eerste Kamer hebben. Dat geeft de oppositie een nieuwe, belangrijke rol en soms ook meer invloed op de inhoud van een wet, zodat ze daarmee kunnen instemmen. In elk geval gaat het altijd om die meerderheid. Ik denk dat dat goed is om te realiseren. Je moet in de Tweede Kamer om iets voor elkaar te krijgen, een meerderheid hebben. In de oppositie is dat wat harder werken, want die meerderheid van de regering, die heb je niet automatisch. Tegelijkertijd zijn er ook Kamerleden van de regeringspartijen die soms meerderheden vinden buiten de regering om. Als dat bijvoorbeeld onderwerpen zijn die niet helemaal dichtgetimmerd zitten of waarop wat meer vrijheid is, is dat even hard werken voor hen als voor oppositiekamerleden. Je hoort het goed, ook oppositieleden kunnen op zoek naar een meerderheid voor hun eigen plannen. Want nieuwe ideeën of zelfs wetten komen niet alleen van het kabinet. In dat Kamerwerk zorgen dat er moties worden aangenomen. Wat kan die oppositie nou precies bereiken? Misschien wel meer dan je denkt. Grofweg heeft elk Kamerlid drie functies. Volksvertegenwoordiging, het controleren van de regering en wetgeving. Volksvertegenwoordiging betekent simpelweg jouw stem laten horen, die van de kiezer. Dat kan bijvoorbeeld door werkbezoeken af te leggen of door deel te nemen aan debatten. ‘We weten hier allemaal wie dat gelekt heeft om de boel op stelten te zetten.’ Dan het controleren van de regering. Denk aan het stellen van Kamervragen of moties. ‘Dat keuren wij af en daarom deze motie.’ ‘En ik vraag u dan ook, voorzitter, om in mijn eerste termijn al een motie van wantrouwen te mogen indienen.’ Een motie betekent eigenlijk dat je ergens aandacht voor vraagt. Je laat zien dat je bepaald beleid afkeurt of vraagt om actie op een bepaald onderwerp. Ieder Kamerlid mag een motie indienen, maar de meesten komen wel van de oppositie. Vervolgens kan de Kamer voor of tegen stemmen. De afgelopen jaren is het aantal moties dat wordt ingediend flink toegenomen. Dit jaar alleen al zijn het er zo'n 4000. Ongeveer de helft wordt vervolgens aangenomen. Het kabinet hoeft niets met een aangenomen motie te doen. Maar wordt die genegeerd, dan gaan ze dus wel tegen een Kamermeerderheid in. ‘Wie is voor, SP, GroenLinks, Partij van de Arbeid, Partij voor de Dieren, Denk, Volt, D66. Aangenomen.’ Als laatste wetgeving. Want je hoorde het al even, ook dat mag de oppositie doen. Ik heb verschillende wetsvoorstellen van A tot Z vertimmerd met juist hulp van coalitiekamerleden. Want die coalitiekamerleden, die hoeven echt niet te tekenen bij het kruisje. Die kunnen juist hun positie als een van die Kamerleden die ook mede beleid maken goed gebruiken. Alleen die moeten gewoon op tijd dat weten, want die moet dat dan in hun fractie bespreken. Die moeten misschien ruimte zoeken bij een minister. Je moet dan tijd nemen, maar het is mij altijd gelukt, in welke coalitie er ook was, om wetten die dus van de regering komen, toch behoorlijk te verbouwen met de oppositie en de coalitie. Ja, de oppositie kan dus zorgen dat wetten van het kabinet worden aangepast. Wordt ook wel het recht van amendement genoemd, maar elk Kamerlid mag ook zelf met een wetsvoorstel komen. Leijten maakte bijvoorbeeld samen met de VVD de Wet zorg en dwang mogelijk om te voorkomen dat mensen met een verstandelijke handicap of bijvoorbeeld dementie tegen hun zin in zorg krijgen. Uiteindelijk draait het allemaal om samenwerken, steun zoeken en dus die meerderheid, waarbij het werk van oppositiekamerleden eigenlijk niet eens zo heel erg veel verschilt van die in de coalitie, behalve dat die de luxe hebben van een coalitieakkoord. Een coalitieakkoord is vaak een soort van waterig compromis en de mensen die het hebben gesloten, vinden het dan nog net lekker. Maar die oppositie kan net eventjes dat pepertje erin douwen of net eventjes bij de soep dat stukje stokbrood zijn. En als je dat goed met elkaar doet, stevig goede, inhoudelijke oppositie voert, maar ook dus een coalitie hebt die goed luistert naar de argumenten van de oppositie, dan kom je tot het beste beleid. Daar ben ik van overtuigd. Hoe de volgende coalitie en oppositie het er vanaf gaan brengen, daar zijn ook wij heel benieuwd naar. Maar heb je nou gestemd op een partij die straks in de oppositie komt? Dan is dat dus zeker geen verloren stem.





