EenVandaag in de klas
Bron: Schooltv / NTR · Niet-commercieel embed via de officiële speler.
Waar gaat dit over?
Video over onderduikplaatsen in Friesland tijdens de Tweede Wereldoorlog, met focus op de rol van Roel Vis en Hendrik Marcus de Jong.
Onderduiken in Friesland in de Tweede Wereldoorlog — Tientallen Joodse mensen uit Amsterdam duiken tijdens de Tweede Wereldoorlog onder in De Knipe en Bontebok, twee dorpen in Friesland. De 17-jarige Roel Vis organiseert veel voor de onderduikers. — Het zijn doodgewone boerderijen in een dorp in Friesland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog worden hier tientallen mensen verstopt. De dorpen De Knipe en Bontebok... ...bij Heerenveen zijn dan een veilige plek voor tientallen joden uit Amsterdam. Die worden er verstopt voor de nazi's. Roel Vis speelt een belangrijke rol in dit verzet. Hij is dan nog maar zeventien jaar. Langs de Friese Schoterlandse, Compagnonsvaart, in de dorpen Bontbok en De Knipe vertelt ieder huis een verhaal over verborgen heldenmoed en verzet. Zo ook de verhalen van verzetsstrijders Hendrik Marcus de Jong en de dan zeventien jarige Roel Vis. De vrouw van een werkgever die zei tegen hem van jij lijkt nog jong en je lijkt nog wel veertien en in je korte broek zeker. En dan kun jij wel uit Amsterdam. Kun jij Joden halen en die kunnen hier wel ondergebracht worden. En dat is hij gaan doen. Ja, Op zijn zeventiende al. Mijn grootvader Hendrik Marcus de Jong, was 54 jaar toen hij het verzet in rolde. Hij was iemand die hem vroeg of hij twee onderduikers kon herbergen en dat werden er uiteindelijk vier en later nog veel meer. Tijdens de Tweede Wereldoorlog organiseerde De Jong en Vis het verzet langs deze Friese vaart en redde daarmee honderden levens, waaronder dat van Ben Troostwijk, die dertien jaar is als de oorlog uitbreekt. 1942 of 1943, dat weet ik niet meer, in Auschwitz vergast. Ben duikt onder op de boerderij van Hendrik Marcus de Jong, waar meerdere onderduikers verblijven. Hij slaapt hier in een kuil op het land waar normaal gesproken aardappels worden opgeslagen. Intussen brengt Roel Vis met de trein... en soms per fiets steeds nieuwe Joodse onderduikers, vaak uit Amsterdam, naar de twee Friese dorpen, waar hij de meesten eerst onderbrengt in het ouderlijk huis. Van daaruit gingen ze naar plaatsen toe hier in de omgeving. Om echt ondergedoken te zijn. Op een gegeven moment waren er zelfs vijftien onderduikers hier op zolder. Hij deed dat echt uit uit liefde voor Christus. Vanuit zijn geloof was hij bezig om mensen te helpen. Het aantal onderduikers dat hier zat, dat lag drie keer boven het landelijk gemiddelde en daarom noemden ze het hier ook de Schoterlandse Jordaan. Journaliste Wietske Koen en schrijfster Janny van der Molen deden onderzoek naar dit bijzondere verzets verhaal in De Knipe en Bontbok. Je ziet nu aan beide kanten geasfalteerde wegen. Toen waren de zandpaden. Hoe verder je die kant opkwam richting Bontebok, hoe moeilijker begaanbaar het werd. Het werd smaller, de bruggetjes werden slechter. Duitsers kwamen hier niet zo makkelijk met hun materiaal. En omdat bijna iedereen onderduikers in huis heeft, is de saamhorigheid erg groot. Het bijzondere van dit verhaal is. Dat er ontzettend veel onderduikers zijn geweest, mogelijk meer dan honderd en dat die bijna allemaal hebben overleefd. Niemand sprak, niemand heeft kopgeld van 7,50 opgeëist. Dat was toen natuurlijk een heel bedrag, maar niemand haalde zich dat in zijn hoofd. Hendrik Marcus de Jong en Roel Vis schelen 37 jaar in leeftijd, maar dat staat hun vriendschap tijdens de verzetsjaren niet in de weg. En wat veel bijzonderder was: de één communist en de ander heel gelovig. Het laat zien dat het er niet toe doet. Je hebt een gemeenschappelijk doel, dat is mensen uit de handen van de vijand houden. En wat je achtergrond ook is, maakt niet meer uit. En in tijden van polarisatie lijkt ons dat zeer belangrijk. Dit is Roel. Maar deze twee zaten ook ondergedoken. Wietske Koen en Janny van der Molen zorgden ervoor dat er onlangs in De Knipe en Bontebok twee plaquettes werden geplaatst om beide verzetsman en te eren. We wilden hiermee laten zien dat dat het gewone mensen zijn die het verschil kunnen maken. Heeft uw vader er veel over gesproken wat hij had gedaan in de oorlog? Nee, hij heeft er eigenlijk nooit over gesproken. We merkten wel van hij is anders, maar soms viel hij ook weg. We hadden een bedrijf en dan vielen we hem. Dan vonden we gewoon tussen de bankstellen in. En waar dat van kwam, dat wisten we eigenlijk niet. Totdat zijn huisarts zei jij moet gaan emigreren, want hij kwam hier natuurlijk alles weer tegen en heeft hier ook altijd gewoond in de buurt en toen zijn ze geemigreerd naar Canada en van daaruit is is hij heel anders geworden en is hij helemaal opgeknapt en raakte hij die angsten kwijt en heeft hij er ook later veel over kunnen vertellen en vooral kunnen opschrijven. Op een avond moest ik een meisje van de trein halen van negen jaar oud. We gingen op de fiets. Zij op de stang voorop naar haar duikadres. We fietsen van Heerenveen langs de vaart naar De Knipe. Vraag me dat kleine ding, is dit een Schoterlandse Compagnonsvaart? Ik zeg inderdaad. Zegt ze. Dan ligt daar met haar vinger wijzend de Opsterlandse Compagnonsvaart en verderop de Drachtster Compagnonsvaart. Wat mooi dat u dit nog heeft. Ja, dat is heel mooi. En de laatste zin is ook dat ze de oorlog overleefd heeft. In Leeuwarden gaan de verhalen over het verzet onverminderd verder. Lijkt Klaas op zijn grootvader? En dan vind ik het ook wel leuk om te horen dat ik toch nog iets van mijn vader heb. Wat heeft zijn grootvader voor u betekend? Met een geweldig vreugde betoon worden de bevrijders ingehaald. Is het een vrolijke dag voor u?





